Dit is één bed in een zaal voor 4 patiënten "Sala de la dilatacion"
Aan de andere kant van de zaal is er een bureautje met daarnaast een boekenrek. Hierop zou je partogrammen, opnamefiches etc. verwachten maar helaas, voor mij is alles altijd zoek en ik vind nog niet mijn weg in de chaos. Mijn collega's zijn voornamelijk in het bordeaux, de studenten bordeaux met wit, dokter-stagairs in het wit, tenzeij een eerste-jaar, die hebben een grijze broek. De logistiekers die eigenlijk ook een soort van instrumentisten zijn, lopen in het licht blauw, soms met groene short. Als iemand in het blauw binnen komt, denk dan niet dat dat de technieker is, want dat is de gynaecoloog. Toch is er nog een ander soort blauw, mannen die de bevallingszaal binnenlopen 'tijdens de bevalling'!! om de vuilbak leeg te maken. Zoals jullie kunnen lezen, ik ben er nog niet helemaal uit.
Ik? Ik ben gewoon in het wit en iedereen noemt me Mamacita en/of doctorita, wat heel vriendelijk is.
Zei ik al dat Cuzco in een vallei ligt, en dat je door elk venster een prachtig uitzicht hebt op zachte maar kolossale bergen?
woensdag 21 december 2011
dinsdag 20 december 2011
Een busrit van Hospital Regional in Cuzco naar San Jerónimo, ons dorp.
Het is nog niet zo laat maar de avond is gevallen, achter die berg daar links van het ziekenhuis. Ik wacht op de bus. Je moet hier nooit ongeduldig zijn terwijl je wacht, integendeel, als de bus je niet aanstaat van kleur of je vindt dat er toevallig te veel luidruchtige pubers op zitten, dan laat je die gewoon passeren. Het was zo’n dag - ik denk dat ik gesuikerde nootjes at- ik nam de volgende.
Op dit moment zijn ze de hoofdbaan aan het herleggen, wat ervoor zorgt dat de bus moet slingeren van links naar rechts om zich een weg te banen langs de wegomlegging. Daar waar er versmallingen zijn, is het uitkijken dat je vingers niet door de ruit steken. Chauffeurs blijven op twee banen rijden daar waar het voor ons al lang niet meer mogelijk is. Op elkaar gepropt stuiven we toeterend naar de volgende bushalte en dan hoor je het gekraak van de spiegel die net wordt afgereden en het splijten van de carroserie aan de deur van de chauffeur. Gelukkig was het allemaal niet zo erg, geen gewonden enkel het gemor van de inzittenden. Een paar seconden later zitten ze er allemaal weer gelaten bij, wachten af (mensen hebben hier veel geduld) en breien verder of geven de baby opnieuw de borst. We staan stil. Terwijl de jongedame naast me vraagt waar ik heen ga en van waar ik kom, tikt ze met haar ring op de ruit. Ondertussen staat onze chauffeur al 10 minuten te discussiëren met de vrachtwagenchauffeur. En dan gebeurt het, er heerst plotsklaps een samenhorigheid van alle inzittenden die beginnen te bonken op de ruiten, ze roepen naar de chauffeur en ik zie wat ik niet verwacht. De chauffeurs knikken naar elkaar en elk gaat naar zijn eigen stoel, rijden maar!
Hebben we daarom bijna een kwartier stil gestaan?
Ja!
zondag 11 december 2011
Eerste dagen in het project “Urpi Sanqocha”
10 december
Mijn eerste dag op het project was woensdag, de dag voor een feestdag.
Bij aankomst aan de deur van het huis waar het ‘schooltje’ of beter ‘na-schooltje’
is gevestigd, stonden al 2 enthousiaste kindjes op de deur te bonken.
“Ola tia…” riepen ze me toe.
Al snel werd de deur geopend door één van de andere jongsten. Joel of Daniel ,
één van een tweeling.
Direct nog 6, 8, 12 ogen op mij… allen heel enthousiast en tegelijk nieuwsgierig,
‘qui en es?’ Wie is dat?
Al vlug vond ik een plek om één van de kindjes te helpen met huiswerk.
Zoveel huiswerk, ocharme, terwijl de meesten aan hun schilderwerk verder
mogen werken. De vrijwilligers die vertrekken, hebben als laatste activiteit voor
elk kind een t-shirt voorzien die ze zelf mogen beschilderen.
Maar voor sommigen eerst huiswerk, pas dan schilderen, het motiveert zeker…
cijfers vliegen op papier, sommen, vermenigvuldigen, delen, …
Plotse commotie en spanning, er passeert een parade op straat en de deur vliegt
open, ‘tia…tia…‘ alle kinderen op straat. Dansend, juichend en met een klein
hartje roepend naar de gemaskerde figuren. Een kleintje trekt aan mijn broek en
verstopt zich gillend achter mij.
De parade op straat slingert zich tussen de auto’s en vrachtwagens door.
Eens terug binnen komt al snel het moment van opruimen, handen wassen en
eten.
Alle kindjes krijgen een ‘lunch’ (een broodje en iets zoetigs om te drinken) en
daarna… tanden poetsen.
Op vrijdag is er niet veel huiswerk, dus vooral spelen, en knutselen.
De vorige vrijwilligers zijn er hun laatste dag, en met de nodige kadootjes en
kaartjes van de kinderen wordt afscheid genomen. Ik voel en zie hoe moeilijk het
voor sommigen is, vooral voor de begeleiders.
Wat zijn die gastjes blij, en uitgelaten
ze vertrekken naar huis met een ‘lekstok’ en hun eigen t-shirt.
‘Hasta Lunes, tia’ roepen ze naar me …sommigen zwaaien
anderen.. een knuffel, een zoen…
Griet
Mijn eerste dag op het project was woensdag, de dag voor een feestdag.
Bij aankomst aan de deur van het huis waar het ‘schooltje’ of beter ‘na-schooltje’
is gevestigd, stonden al 2 enthousiaste kindjes op de deur te bonken.
“Ola tia…” riepen ze me toe.
Al snel werd de deur geopend door één van de andere jongsten. Joel of Daniel ,
één van een tweeling.
Direct nog 6, 8, 12 ogen op mij… allen heel enthousiast en tegelijk nieuwsgierig,
‘qui en es?’ Wie is dat?
Al vlug vond ik een plek om één van de kindjes te helpen met huiswerk.
Zoveel huiswerk, ocharme, terwijl de meesten aan hun schilderwerk verder
mogen werken. De vrijwilligers die vertrekken, hebben als laatste activiteit voor
elk kind een t-shirt voorzien die ze zelf mogen beschilderen.
Maar voor sommigen eerst huiswerk, pas dan schilderen, het motiveert zeker…
cijfers vliegen op papier, sommen, vermenigvuldigen, delen, …
Plotse commotie en spanning, er passeert een parade op straat en de deur vliegt
open, ‘tia…tia…‘ alle kinderen op straat. Dansend, juichend en met een klein
hartje roepend naar de gemaskerde figuren. Een kleintje trekt aan mijn broek en
verstopt zich gillend achter mij.
De parade op straat slingert zich tussen de auto’s en vrachtwagens door.
Eens terug binnen komt al snel het moment van opruimen, handen wassen en
eten.
Alle kindjes krijgen een ‘lunch’ (een broodje en iets zoetigs om te drinken) en
daarna… tanden poetsen.
Op vrijdag is er niet veel huiswerk, dus vooral spelen, en knutselen.
De vorige vrijwilligers zijn er hun laatste dag, en met de nodige kadootjes en
kaartjes van de kinderen wordt afscheid genomen. Ik voel en zie hoe moeilijk het
voor sommigen is, vooral voor de begeleiders.
Wat zijn die gastjes blij, en uitgelaten
ze vertrekken naar huis met een ‘lekstok’ en hun eigen t-shirt.
‘Hasta Lunes, tia’ roepen ze naar me …sommigen zwaaien
anderen.. een knuffel, een zoen…
Griet
donderdag 8 december 2011
De eerste uren en dagen in Cuzco
Ik ben overweldigd door vreugde, eindelijk in Cuzco. Ik krijg onmiddellijk het goede nieuws dat ze me verwachten in het ziekenhuis en dat ik al in een roulement opgenomen ben. Griet zit naast me in de taxi, onderweg naar ons appartement en ik vermoed dat ze enkel van een bed droomt. Daar aangekomen smijt ze zich op het onopgemaakte bed, met een frons op haar voorhoofd die hoofdpijn verklapt.
We drinken coca-thee, kauwen op de bladeren en met nog een lichte druk in het hoofd gaan we op bezoek naar het ziekenhuis. Jammer genoeg kan ik mijn ogen niet geloven maar ik wacht met oordelen. Ze zijn nog steeds enthousiast en ik mag zelfs diezelfde dag nog beginnen, wat ik vriedelijk afwijs gezien mijn “slappe” toestand.
Gewrongen in een busje staan we met krom lichaam te lachen met de muziek op de radio; http://www.youtube.com/playlist?list=PL964EC819FE75D841 maar “schuffeling” zat er niet in voor ons. We voelen ons direct goed in Cuzco. Door de straten horen we plots een gejoel, gejubel en getier. Naast mij doet een winkelier snel zijn grote, blauwe deuren dicht, wat mij even angstig maakt, maar het blijkt een grote groep studenten te zijn die op straat komt uit protest voor de busprijzen. Op elke bus die ze spotten in de stad wordt in grote letters 0.60 geschreven, omdat de prijs met 0.10 Soles was gestegen (= 2 eurocent). Ze zingen hun slogan onder gejuig en applaus van de mensen in de straat, ik krijg er kippenvel van. Omdat we nu niet meer op de bus kunnen, besluiten we te voet te gaan, wat ons meteen sympathisanten van de optocht maakt, we wandelen in dezelfde richting naar de grote avenue.
’s Avonds in San Jeronimo, het dorp waar we verblijven, wordt er een feest aangekondigd. Aankondigen betekend hier bommetjes in de lucht schieten. Ik cross naar boven met mijn camera –wat me meteen benauwt en kortademig maakt, met een pols van 120sl/min- maar ik zie een bont gekleurde menigte, sommigen verkleed, dansend de straat voor me ingaan. Daar op het plein verzamelen ze. Het feesten gaat door tot een stuk in de nacht, en dat op telkens het zelfde ritme, hetzelfde geschuifel, hetzelfde getrommel. En iedereen kent de pasjes, zelfs de kleintjes.
woensdag 7 december 2011
Feest in Madrid
Over de koppen lopen zou evengoed de titel kunnen zijn. We deden een rustige wandeling zaterdagvoormiddag, vertrekkende van de opera. De zon belichtte het koninklijk paleis en in de menigte zag je zonnebrillen uit handtassen verschijnen. Hoe later op de dag hoe meer mensen er uit hun “kot” waren gekomen, wat onmiddellijk voor files zorgde in elke straat.
Deze files ontstaan door rustig wachtende madrilenen op de uitslag van de loterij, wat bijna op elke straathoek gebeurd. Ik voel toch de drang om even uit te leggen wat ik bedoel met files van mensen. Je zou kunnen denken aan een lange file bij de bakker op zondagochtend, of aan alle wachtende mensen samen aan de kassa’s in een grote supermarkt, maar dat is het helemaal niet. Ik heb het over honderden mensen in een nette rij, hele families met buggies en net geklede kinderen, pratend en wachtend alsof ze niet meer weten dat ze aan het wachten zijn. Dat speelde zich zaterdagavond af in heel het centrum van Madrid, wat wel wat groter is dan Gent, zelfs Antwerpen.
Say hello and wave goodbye Madrid. Het was kort en er wacht ons een nachtvlucht naar Lima. 21u30: We trekken onze bagage uit de locker –die ik er met een Italiaanse furie instampte- en drentelen door de luchthaven, nog 4 uur voor onze vlucht. We zijn er klaar voor, we popelen.
Abonneren op:
Posts (Atom)






